Home › Kritisch › De stem van na de spijt

De stem van na de spijt

16 mei 2026

Column · detransitie

Honderd mensen die een medische transitie begonnen en er later mee stopten, vulden een anonieme vragenlijst in van de Amerikaanse onderzoeker Lisa Littman. Negenenzestig van hen waren als meisje geboren. Wat zij vertelden, staat sinds 2021 zwart op wit.

Wie waren zij? Bijna allemaal (96 procent) hadden hormonen van het andere geslacht gebruikt. Van de vrouwen had een derde (33,3 procent) een borstoperatie gehad. Gemiddeld bleven de deelnemers 3,9 jaar in transitie en ze waren gemiddeld 26,4 jaar toen ze besloten ermee te stoppen. Van de vrouwen had bijna de helft (47,8 procent) een trauma meegemaakt in het jaar voordat de genderdysforie begon (bron).

Wat detrans betekent

Littman publiceerde haar studie onder 100 detransitioners in 2021 in Archives of Sexual Behavior. De redenen om te stoppen liepen uiteen. Zestig procent was zich prettiger gaan voelen bij het geboortegeslacht, 49 procent maakte zich zorgen over medische complicaties en 38 procent was gaan inzien dat de genderdysforie voortkwam uit iets specifieks, zoals trauma, misbruik of een psychische aandoening. De meerderheid (55 procent) vond dat zij vóór de transitie geen adequate beoordeling door een arts of psycholoog had gekregen. Bijna de helft (46 procent) vond de voorlichting te positief over de voordelen van transitie (bron). Littman zegt er zelf bij wat de studie niet kan: de deelnemers meldden zichzelf aan, hun identiteit is niet te controleren en de uitkomsten gelden niet vanzelf voor alle detransitioners. Hoe vaak detransitie voorkomt, meet de studie niet.

Dat laatste weet niemand precies. In de studie van Littman had maar 24 procent de eigen behandelaar laten weten dat zij gedetransitioneerd waren. Wie het niet meldt, komt in de cijfers van een kliniek niet voor. Een Brits dossieronderzoek onder 175 cliënten die een genderkliniek voor volwassenen uitschreef, telde er twaalf (6,9 procent) die aan de definitie van detransitie voldeden (bron). In gegevens van de Amerikaanse militaire gezondheidszorg gebruikte 70,2 procent van de 952 onderzochte personen na vier jaar nog hormonen; bijna 30 procent dus niet meer (bron). Stoppen is niet hetzelfde als spijt. De Gezondheidsraad schreef in juni 2026 dat in Nederlands onderzoek 0 tot 3,5 procent stopt met een hormoonbehandeling die als minderjarige is begonnen en dat in die studies geen gevallen van spijt zijn gevonden. In dezelfde alinea staat dat er over het aantal gevallen van spijt geen definitieve conclusies te trekken zijn, door de veelal korte follow-up en de substantiële uitval, en dat er signalen zijn dat een deel van de mensen die stoppen of spijt hebben dit niet aan hun zorgverleners meldt (bron).

Wat ze nu vragen

Wat detransitioners nodig hebben, is ook onderzocht. Elie Vandenbussche ondervroeg 237 van hen via online gemeenschappen. Zij noemden psychologische hulp bij genderdysforie, bij bijkomende aandoeningen en bij gevoelens van spijt, en medische hulp bij het stoppen met hormonen, bij complicaties en bij het terugdraaien van ingrepen. Ze wilden ook de ervaringen van andere detransitioners horen en elkaar ontmoeten. Over het geheel meldden zij een groot gebrek aan steun, met veel negatieve ervaringen in de medische en psychische zorg en in de lhbt+-gemeenschap (bron).

De Gezondheidsraad heeft dat in 2026 opgepakt. De commissie vindt dat de zorg zo moet zijn ingericht dat jongeren de ruimte voelen om te stoppen of spijt te uiten, wat de reden van die spijt ook is. Ze beveelt onderzoek aan naar de ervaringen en zorgbehoeften van deze groep, ook buiten de gespecialiseerde gendercentra, en landelijke, gestandaardiseerde monitoring, mede om spijt en detransitie beter in kaart te brengen (bron). Dat is waar luisteren begint: bij tellen, en bij vragen wat iemand nodig heeft.

Bronnen

  1. Littman, L. (2021). Individuals treated for gender dysphoria with medical and/or surgical transition who subsequently detransitioned. Archives of Sexual Behavior, 50, 3353–3369. link.springer.com
  2. Vandenbussche, E. (2022). Detransition-related needs and support: a cross-sectional online survey. Journal of Homosexuality, 69(9), 1602–1620. europepmc.org
  3. Hall, R., Mitchell, L. en Sachdeva, J. (2021). Access to care and frequency of detransition among a cohort discharged by a UK national adult gender identity clinic. BJPsych Open. pmc.ncbi.nlm.nih.gov
  4. Roberts, C.M. e.a. (2022). Continuation of gender-affirming hormones among transgender adolescents and adults. The Journal of Clinical Endocrinology and Metabolism, 107(9), e3937–e3943. pubmed.ncbi.nlm.nih.gov
  5. Gezondheidsraad (2026). Transgenderzorg voor jongeren, advies nr. 2026/12, 30 juni 2026. gezondheidsraad.nl

Zie ook